In gesprek met voormalig VCO-lid Ronny Boes (periode eind jaren ‘50)

De VCO-reporter in gesprek met Ronny Boes

Bestaat toeval eigenlijk? Op een blauwe maandag in oktober 2018 liet ik mijn wagen technisch keuren in het keuringsstation van Ichtegem (ik was afgekeurd voor mijn banden, verdraaid) waar onze voorzitter me bij de arm nam. Enthousiast sprak hij profetische woorden: er is net iemand het station uit gereden met een pak foto’s uit de jaren ’50 van VCO. Iets van een rit van Oostende naar Barcelona in 1957… 

Een mens moet ons dat geen twee keer zeggen… Na wat moeilijkheden om een concrete datum te prikken, belandden we op zaterdag 19 januari 2019 bij het echtpaar Boes- Neyts in Gistel waar Manu en ik op de koffie waren uitgenodigd. Inmiddels het vierde treffen met een voormalig VCO-lid uit de jaren ’50 : na Gustaaf Beelen, Maria Decouter en Raymond Duynslaegher.

De iets jongere tachtiger dan het vorige drietal, Ronny Boes °31/01/1937, ontvangt ons vriendelijk met zijn echtgenote  Eliane. Het geurt er naar modernisme: stelt u zich geen bejaard echtpaar voor, eerder kranige, ondernemende en eigentijdse senioren doordrongen van levenservaring overgoten met een pittige cultureel belangstellende saus. Eliane springt van achter haar PC, schenkt ons lekkere koffie in en houdt zich wat afzijdig omdat ze de Vespa-periode van de toen 20-jarige Ronny niet heeft meegemaakt. Wat later grijpt ze af en toe haar iPad met hippe rode beschermhoes om een en ander op te zoeken.

Manu verspreekt zich een paar keer en noemt Ronny zelfs Donald, wellicht in verwarring met zijn officiële naam Ronald en overhandigt uit dankbaarheid een fles Vista Sul Mare. Hij legt uit dat dit Italiaans is voor ‘zicht op zee’ en is eigenlijk al te laat.

Eliane kent Italiaans. ‘En ik Spaans’, vult Ronny aan. We zitten bij een echtpaar met zicht op de wereld: ‘Vista del Mundo’…

Alvorens ik mijn eerst vraag kan stellen, zitten we al verzeild in een leuk anekdotisch verhaal. ‘Onze gezamenlijke Vespa-ervaring was in Martinique…’ en ze steken van wal. 

In 1989 waren we op reis in Martinique  en huurden een Vespa vertelde Ronny. Hij overtuigde meteen Eliane dat hij Vespa-ervaring had, maar moest daarvoor eerlijkheidshalve 30 jaar achteruit.  Tot overmaat van ramp zat in de sluitdop van de benzinetank een barst zodat in de bochten de benzine er uit  liep langs de dijen van Eliane, die  wat stijf achterop zat ( want nooit eerder had zij op een Vespa gereden ). Zij  moest haar vindingrijkheid als kleuterleidster aanspreken en plakte kauwgum op de barst! De Vespa hield stand, maar dat was maar tijdelijk omdat de benzine  de kauwgum oploste . Na enkele keren opnieuw kauwgum te hebben geplakt, raakten ze terug op de plaats van vertrek waar zij een garage opzochten. 

Een vriendelijke en goedlachse inboorling, met een huid zo zwart als roet, die al zijn auto -onderdelen op het voetpad  ten toon had gespreid, sprak hen aan. Hij zei: ‘Alors ma petite dame, quel est le problème? En hij stelde voor om de barst te dichten met ijzermastiek . 

Tijdens dat werk informeerde hij naar het Frans accent dat Ronny en Eliane spraken, want hij  kon dit accent niet thuisbrengen. 

‘Nous sommes des Belges’  zeiden ze ‘et nous habitons à Ostende’ . De grote zwarte  man, veerde meteen recht: ‘Wadde, van Oostende, godverdomme…, ken der 10 joar geweund’. 

Wij stonden als aan de grond genageld en bleken sprakeloos. Hij bleek op ‘De  maalboot’  en in de visserij  gewerkt te hebben. Voor de niet-ingewijden, maalboten zijn pakketboten van de RMT die vroeger het traject Oostende – Dover verzorgden. 

Hij werkte aansluitend enkele jaren bij Carrosserie Bourgeois , Torhoutsesteenweg, 227, Oostende. De firma BOURGEOIS was onder andere ook de constructeur van de toenmalige opmerkelijke caravans.

Caravans van Bourgeois

Hij leefde nu in Martinique, was ook visser en in zijn vrije tijd cinema-operateur. 

Hij lachte met zichzelf en merkte op dat hij maar moeilijk tegen de kou kon in België, zeker op de visserij. ‘Gie zwarte nèger, je go nog wit word’n van de koede’ plaagden mijn collega’s me toen… 

‘Een mens moet alles in een bepaalde  tijdsgeest  zien’, milderden Ronny en Eliane dat die uitspraak uit de mond van deze Martiniquais kwam!

‘Zou dat Joël zijn?, spong Manu bij, die de hele wereld kent. ‘Als het Joël is, is hij vroegtijdig gestorven’, staarde Manu voor zich uit…

Toen werd de hoofdbrok van Ronny’s Vespa-ervaring aangesneden. Zijn tocht naar Euro-Vespa in Barcelona! Dit was de vrij recente voorloper van de Vespa World Days.

Ronny was in 1957 de enige VCO’er uit Oostende die naar het treffen reed. ‘Men vond toen niemand anders die tijd had om zo lang weg te blijven ! Je moest toen dat plaatsje in de club niet verdienen door adelbrieven voor te leggen en winnaar te zijn van Gymkana’s of andere clubkampioenschappen.

‘Toen beschikte over voldoende tijd en het avonturiersbloed zat (en zit nog steeds) in mijn aderen’, vulde Ronny aan. 

‘Ik trok enkele jaren voordien als zeventienjarige per autostop naar Sicilië’, legde Ronny ons uit. Daarmee bewees hij dat hij zijn hand niet omdraaide voor een reisje en voor een wachtend avontuur.

Hij had zich op het interview nauwkeurig voorbereid. Fotoalbums en een keurig uitgetikte reisroute van 1957 heen en terug naar Barcelona lag er klaar.  

Na het gissen van de precieze datum van Euro-Vespa Barcelona vonden we een onmiskenbaar bewijs op de achterkant van een van de foto’s: 22 juli 1957, één van de drie dagen ginds ter plaatse, vergelijkbaar met de huidige World Days nu die ook zoveel dagen Vespaplezier aanbieden.

EuroVespa 1957 Barcelona

Ronny moest eigenlijk de rit alleen klaren, maar had met twee Vespakompanen uit de omgeving van Ninove afgesproken: ze zouden elkaar op de markt van het Noord-Franse Tourcoing treffen. De twee Oost-Vlamingen hadden een ruime tent mee zodat het drietal kamperend naar Barcelona kon trekken. Ronny reed alleen terug en sprak daarvoor jeugdherbergen aan. Dagelijks reden ze gemiddeld een 350-tal kilometer en bezochten telkens iets interessants onderweg. Op dat vlak is in al die jaren niets veranderd: vandaag rijden vele Vespaliefhebbers met hetzelfde concept en op dezelfde manier Europa door. Ronny kende niet veel van de techniek van een Vespa, maar zijn twee vrienden wel. Dat was handig, want onderweg kreeg hij panne.

‘Ik ken nog zo iemand ‘, grapte Manu en keek smalend in mijn richting. ‘Hij laat onderweg door anderen zijn  onderhoud doen’, lachte Manu gul en wees me daarbij letterlijk met een handgebaar aan. En daar stond ik in deze context alweer voor paal… 

De praktische uitwerking van het treffen in Barcelona is helemaal hetzelfde als wat Gustaaf Beelen over Euro-Vespa in  Vipiteno  vertelde. De rijders werden in plaatselijke hotels ingedeeld (Ronny sliep op de kamer met een Waal), betaalden niets voor het verblijf en de maaltijden, Piaggio stond klaar met onderdelen en technische assistentie. ‘Ze gaven zelfs een shampoo-beurt aan mijn Vespa’, wist Ronny. Eliane lachte mee en verweet hem grappend dat hij alweer een knechtje gevonden had… 

Voor de ritten ter plaatse kregen ze rode overalls (de Rode Duivels heette dat toen) van Vespa Club België. De foto’s hieronder bewijzen een en ander…


VESPA-RALLYE BARCELONA JULI 1957

Voor de VOLLEDIGE REIS voorzag  Ronny een kleine drie weken: twee weken voor de heen- en terugreis en drie à vier dagen ter plaatse. 

Hieronder vindt u zijn Road Book met zijn aantekeningen

Heenreis

  • Dag 1 : samenkomst markt Tourcoing met 2 “vespisten”-kampeerders  ( uit omgeving van Ninove ) ,  Reims , Vitry le François : 360 km
  • Dag 2 : Vitry-Dijon-Macon : 340 km
  • Dag 3 : Macon-Lyon-Tournon-Montélimar-Avignon : 310 km
  • Dag 4 : Avignon-Nimes-Perpignan : 250 km
  • Dag 5 : Perpignan-Barcelona : 200 km

Barcelona Euro-Vespa Rallye : 19-22 juli 1957

  • Dag 1:-Ere-rit door de grote lanen van Barcelona : verzameling Plaça Espanya / Montejuich en vervolgens bezoek aan de Pueblo Espanol (Poble Espanyol/Catalaans) met lunch.
    De Pueblo Espanol is een openlucht museum vergelijkbaar met ons Bokrijk.
  • Dag 2: rit van 60 km. naar het Benedictijnenklooster van Montserrat (gesticht in 1025 / hoogte 725 m.) en vervolgens lunch in de natuur van de Sierra de Montserrat (hoogte 1712 meter).   
  • Dag 3: rit van 25 km. naar het strand van Casteldefells met ‘barbecue’.

‘De volgorde van het treffen kan mogelijk niet helemaal kloppen’ verklaarde Ronny maar dit is maar een detail.

TERUG ALLEEN ( jeugdherbergen )

  • Dag 1: Barcelona-Millau / Gorges du Tarn: 400 km
  • Dag 2: Millau-Clermont Ferrand: 230 km
  • Dag 3: Clermont-Orléans-Paris: 400 km
  • Dag 5: Paris
  • Dag 6: Paris-Oostende: 300 km

Ronny’s verhaal over de Vespa Club Oostende eind jaren ’50 en zijn ervaring als ‘lone Ostend ranger’ naar Barcelona in 1957 sluit naadloos aan bij de verhalen van Gustaaf en Maria. De tijdgeest en wat er destijds rond Vespa gebeurde klopt als een bus. De naam van Adrien Cortvriendt als voorzitter voor Gustaaf Beelen wist hij precies aan te duiden. De naam van de voorzitter ervoor, een Gentenaar met twee zonen die ook VCO-leden waren en die een café uitbaatte in de Louisastraat (aan de rechterkant richting zee) meteen het VCO-clublokaal bleef hij schuldig. Wie ons daarbij zou kunnen helpen, is bij deze uitgenodigd.

We leerden van Ronny dat je toen tot voorzitter werd verkozen. Dat weet hij heel precies omdat de twee zonen van de café-uitbater stemmen gingen ronselen voor hun vader. Bij deze is Manu gewaarschuwd.

Het was onduidelijk hoe lang je als voorzitter op de stoel zat, met andere woorden wanneer er alweer verkiezingen waren.

Bindmiddel bleek alweer fietsen -en scooterzaak Gebroeders Kessels te zijn. Ronny die de humaniora had verlaten, liet zijn oog op een advertentie vallen waarbij een man van Anderlecht zijn Vespa te koop aanbood. Zijn suikertante spoorde hem daarbij aan en deed letterlijk een duit in het zakje. Ronny twijfelde even over het bedrag, maar goedkoop was een Vespa toen (ook) niet. De Brusselaar kwam met zijn Vespa naar Oostende en de zaak was geklonken. Ronny moest een scooterspecialist vinden om zijn Vespa te onderhouden en kwam zo terecht bij de Gebroeders Kessels. Misschien sleutelde zelfs Raymond Duynslaegher ooit aan zijn Vespa, maar dat wist hij niet meer. 

Net zoals bij de andere oud VCO-leden stierf de Vespa een stille dood: koning auto overwon regen en wind, want een auto zorgde voor beschutting en comfort. Wellicht bekijken we dit (alweer) wat te romantisch en zijn we  vermeend spijtig dat de Vesparijders destijds hun Vespa inruilden voor vier wielen. Ronny kocht begin jaren ’60 een Ford Taunus, nodig voor zijn werk. 

Als we het thema aansneden van wat VCO toen deed, viel het plots stil. Ze hielden allerlei bijeenkomsten en wellicht ook ritten, maar de vele jaren hadden de herinneringen vervaagd. 

Toen vroeg Manu of ze wel eens meereden met de “Cimateirestoet”, de folkloristische Carnavalstoet. We weten aan de hand van fotomateriaal van Gustaaf Beelen dat dit wel eens gebeurde.

‘Neen, daaraan hebben ze niet deelgenomen’, vertelde Ronny. Een bescheiden en met de seconde breder worden glimlach verscheen op het gezicht van Eliane. Er moet wellicht een en ander zijn gebeurd tussen het jonge koppel Ronny en Eliane, of Eliane met Johnny Carbon, wie weet, dat konden we tussen de regels lezen, maar ze gaven hun geheim niet prijs. Het glimlachen bleef nog wat aanhouden en werd zelfs teder…

Op de foto staat één van de zonen Depuyd Kamiel  van de Vleescentrale Depuydt, hier rechts naast Ronny die zelf op de achterste rij staat van links naar rechtsgezien op plaats 3. Misschien interessant om deze foto aan Kurt Depuydt voor te leggen, ook een voormalig recent VCO-lid…

Toen Manu en ik terug naar huis reden, kaartten we nog even na. We werden ontvangen bij bijzonder interessante mensen die alweer een mooie bijdrage hebben geleverd om de geschiedenis van de Vespa Club Oostende te vervolmaken. We maken ze graag ere-leden van VCO!

 

Tekst: Bart Houwen
Foto's: Ronny Boes & Manu Mommerency